Het IMF en de 10e penning

Terwijl onze Jeroen Dijsselbloem bij broodjes kaas met karnemelk het krakkemikkige herfstakkoord samen met andere zuurpruimen ineen knutselde, was er het feestje van het Internationale Monetaire Fonds (IMF) van Christine Lagarde. Gezellig keuvelen bij uitgelezen chateaubriand, rijkelijk besproeid met donkerrode fonkelende bourgogne. En dan komen de ideeën vanzelf.

Wie het heeft geroepen, is in het feestgedruis verloren gegaan. Maar ineens was het daar: als we de Europese spaarders nu eens 10% van hun spaartegoed afpakken, dan zou de Eurozone in één keer uit de problemen zijn. Het zou de schuldratio van de landen terugbrengen tot het niveau van 2007. En dat was vóór de financiële crisis ontbrandde.
De feestvreugde van het exclusieve monetaire clubje bereikte z’n climax. Onze Jeroen, de financiële schoolmeester van Europa, hadden ze nog geen moment gemist.

Het geweldige idee is niet echt nieuw. Het zoveelste geval van academische diefstal. Stefan Bach, een Duits econoom, gaat Christine en haar clubje voor. Hij heeft berekend dat een belasting van 3,4% op de Duitse spaartegoeden van meer dan 250.000 euro, een opbrengst gaf van ruim 100 miljard euro. En dat is 4% van de Duitse staatsschuld.
Een goed idee? Nee en de geschiedenis bewijst het.

Ken uw geschiedenis
De Hertog van Alvarez (Alva) ging het IMF voor. In 1569 voerde de Hertog immers de tiende penning in en veroorzaakte een opstand in de Nederlanden. En dat resulteerde, lees de geschiedenisboekjes er maar op na, in de afscheuring van de Nederlanden van het Spaanse Rijk.
Eindelijk vrij!