Kiezers let op uw saeck!

Zo maar, op een stralende winterdag een handjevol titels over de digitalisering in de zorg (uit Zorgvisie ICT van 29 november 2016) in de media.

  • Revalidatiecentrum Reade presenteert Reuma Meter app
  • Uitslagen sneller op patiëntportaal Máxima Medisch Centrum
  • Zorg en ICT moeten zich aan elkaar aanpassen
  • Jeugd-ggz investeert 2 miljoen euro in e-health
  • Process mining helpt administratieve lasten verlagen

Op het eerste gezicht denk je misschien wel: geweldig die ontwikkelingen, dat gaat de goede kant op. Dan lees je de artikelen en word je al wat minder enthousiast. Dat zet je aan het denken.

Bijna ieder onderwerp slorpt een vermogen aan euro’s op voor veelal een relatief beperkte groep gebruikers. En is het allemaal wel zo nuttig voor de patiënt, gebruikersvriendelijk en wat is the return of investment? Wie betaalt al die ontwikkelingen, die als een pretpakket worden gepresenteerd?

Dat zijn jij en ik. Via de premie voor onze zorgverzekering en onze belastingaanslag. Het minste wat je verwacht is dan een controle op het financieel en maatschappelijk nut en het effect op de kwaliteit van zorg.
Nee dus, het is veelal ‘fact free software’, vergelijk het met spelletjessoftware, only fun!

De euro’s hadden beter kunnen worden gebruikt! Oké, dat vraagt om een datamodel en een informatieplan, want dat is toch wel het minste dat we als sponsoren mogen eisen?

Kiezers let op uw saeck!

Het ‘dynamische’ van deze tijd…..

IMG_9769Circa veertig jaar geleden was ik werkzaam op de afdeling Sociaaleconomisch Onderzoek van het toengeheten ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM). Hans Gruijters was minister en Marcel van Dam en Jan Schaefer waren staatssecretaris.

Dynamische kostprijsformule
De financiering van de woningbouw gebeurde toen op basis van de zogenaamde dynamischekostprijs huurformule (DKH). Deze formule was gebaseerd op een annuïteitformule, waarin de kosten en de opbrengsten waren opgenomen. De kosten bestonden uit een gedeelte variabele kosten, die jaarlijks stegen en vaste kosten. De opbrengsten waren de huren met de jaarlijkse verhoging.

Parameters
Na al die jaren staat die formule mij nog vers in het geheugen. Ik weet zelfs nog wat de uitkomst was bij de verschillende parameters.
De looptijd van de lening was 50 jaar. De berekening was dusdanig uitgedacht, dat na 50 jaar, het saldo op nul uitkwam of een laag positief saldo. – Overigens heb ik mij altijd afgevraagd, of de woningen, die toen gebouwd werden, wel de leeftijd van vijftig jaar zouden bereiken… –
Verder werd er in die tijd uitgegaan van de volgende parameters: rente: 8%, start variable lasten 1,2%, lastenstijging 12%, vaste lasten 0,5% en huurverhoging 8%. De verschillende parameters werden ‘contant’ gemaakt naar het eerste jaar en daarna gesommeerd over de looptijd. Tot slot de kosten delen door de opbrengsten en de uitkomst van de DKH kwam eruit, in dit geval: 6,41735% als beginhuur.
In formule:
DKH

Elektronische rekenmachine
In eerste instantie gebeurde de berekening op een elektronische rekenmachine (toen zeer vooruitstrevend: digitale letters en geluidloos!).
Toch was je ruim twee uur bezig om de berekening te maken en vervolgens de zaak uit te typen. Na overleg over de uitkomst met het hoofd van de afdeling, vroeg hij of je deze berekening nogmaals wilde maken, maar dan één van de parameters een half procent hoger. En zo vulde je de dagen. De uitkomsten werden gebruikt ondermeer voor de beantwoording van Tweede Kamervragen.

Time sharing
In die tijd (1975) was een computer nog een futuristisch apparaat. De meeste mensen wisten niet eens waarover je het had. Ik ben toen mijn eerste automatiseringscursussen gaan volgen: Basic programmeren, gevolgd door Fortran IV en SPSS. Hierdoor verzamelde ik voldoende kennis om de berekeningen van de DKH te automatiseren.
Dit laatste had ook niet zo veel om het lijf, want het gebeurde via time sharing. Het computercentrum was gevestigd in Cleveland (VS) en de verbinding kwam tot stand via de satelliet Early Bird. Er was weinig beveiliging binnen het systeem. Bij een deling door nul bijvoorbeeld bleef het systeem doorrekenen, totdat iemand hierachter kwam. De rekening voor het premature digitale gecijfer was gigantisch.

Automatisering 1975
Om niet steeds opnieuw vragen te krijgen over berekeningen met verschillende parameters, had ik een programma geschreven, dat alle mogelijke percentages in parameters, oplopend van 1 tot 12% en voor alle soorten woningen (eenheden, woningwet, etc) berekende en printte. De tabellen zijn vervolgens ingebonden en aan alle betrokkenen binnen het ministerie en de Tweede Kamer gestuurd. Hier kon men jaren mee vooruit, Dat bleek wel, want vragen hierover werden nooit meer gesteld.
Voor zeer grote berekeningen uit onderzoeken in die tijd werd overigens gebruikgemaakt van het IBM automatiseringscentrum in Rijswijk. In de hal stond een enorme verwerkingseenheid. Ik sta er wel eens bij stil, dat deze een capaciteit had van ongeveer 1 honderdste van de huidige smartphones. En deze kunnen, naast telefoneren, nog zoveel meer (fotograferen, filmen, muziek, navigatie, etc. etc).

Doorgeslagen
Nog niet zo lang geleden, dacht ik nog eens aan die berekeningen. De formule kende ik nog uit het hoofd en programmeerde deze in mijn smartphone. Op het moment dat ik op de ‘GO’ toets drukte, stond het antwoord er al. Printen kon ook, kwestie van een minuut.
Wat is de ontwikkeling toch ontzettend snel gegaan de laatste jaren. Het is alleen jammer, dat velen het digitale gecijfer nu als hoofddoel zien binnen een organisatie, zoals in de ziekenhuizen. Die verzamelen virtuele zorggegevens die enkel en alleen voor de DOT-nota dienen of voor opgepoetste kwaliteitscijfers. Digitale cijfers waar de ziekenhuizen goede sier mee maken.
De gegevens over de zorg zelf, de documentatie in het medisch dossier en de zinvolle registratie ervan voor informatie en communicatie over de werkelijke zorg, zijn van ondergeschikt belang. Het levert geen euro extra op. Die gegevens zijn hoognodig voor de benchmarking met als doel de inhoudelijke verbetering van zorg waar de patiënt bij wint.