Meer kans op een winnend staatslot dan op een huurwoning!

Ruim 6 weken sta ik iemand bij om een huurwoning te bemachtigen, niet omdat ze meer ruimte of luxe wil, maar omdat ze niets heeft. Zij is buiten haar schuld op straat komen te staan en heeft geen ‘woonpunten’ kunnen vergaren. Ik heb zeer vele telefoongesprekken gevoerd en veel ervaring opgedaan over het feit hoe je niet met mensen moet omgaan. Wat bestaan er een hufters!

Medische indicaties
Haar medische indicaties zijn aanzienlijk. Op één hiervan zou je al verwachten voorrang te verkrijgen voor onderdak, laat staan vijf van deze indicaties: onder andere hart, longen en nieren!
Toch maakt dit geen enkele indruk. Je krijgt als antwoord “iedereen heeft wel eens wat!” Zelfs een gesprek willen of durven ze niet aan te gaan. Ik gaf aan dat ze nu te ver van haar specialisten woont en er een gevaarlijke situatie zou kunnen ontstaan, gezien haar hartklachten. Meneer, jammer voor haar, maar wij kunnen niets doen! Op de vraag: ‘Moet ze dan maar op straat gaan slapen’ wordt gezegd: ‘Zit niets anders op, want de wachttijd is 5 tot 6 jaar!’

Vrije sector
Een corporatie verwees me naar nieuwbouw in Leiden. Toen ik naar de huur vroeg, kreeg ik als antwoord: Vanaf 1500 euro netto, buiten GWL en servicekosten. Ik vroeg de persoon of hij wel geluisterd had, want zij heeft een WIA uitkering, dat lager is dan het sociaal minimum! Totale desinteresse en geen enkel begrip.
Ik vind het bovendien een vreemde zaak, dat er vele dure huurwoningen worden gebouwd, terwijl er een enorme woningnood is bij de sociale huurwoningen. Dit beleid kun je toch niet serieus nemen, huren van 1500 tot 3500 euro!

Toewijzingsbeleid
Je moet zorgen dat je veel woonpunten hebt vergaard. Vervolgens kun je je inschrijven op diverse woningensites. Zo een abonnement kost je geld. Je krijgt dan geregeld overzichten van huurwoningen, waarop je kunt reageren. Dus woonpunten + inkomen tellen, anders geldt de inschrijving niet. De huurwoningen die op de lijst staan zijn betaalbaar, maar voor iedere woningen zijn er minimaal 80 gegadigden. Wat betreft de laagste huren voor sociale woningen, die ook in de huursubidie vallen, wordt er naar inkomen gekeken. Dit mag niet te hoog zijn, maar ook niet te laag. Dit laatste vind ik absurd. Mensen met een sociaal minimum hebben dus geen enkel recht om een woning te bemachtigen. Waar moeten zij heen?

Antikraak woningen
Ook staan er in Leiden en omgeving antikraak woningen leeg. Deze worden over ongeveer een jaar afgebroken. De (tijdelijke) bewoners betalen een redelijke huur en er wordt gevraagd om toezicht te houden.
Dit zou voor haar een ideale situatie zijn, maar helaas, ze wordt niet ingeschreven, want ze heeft twee katten. Deze katten zijn zeer rustig, vernielen niets, bovendien heeft ze deze al tien jaar. Ondanks het feit dat de woningen worden afgebroken, mogen haar katten niet mee. Die moet ze maar ergens achterlaten of onderbrengen. Hoe hard en dom kun je zijn. Je kinderen doe je toch ook niet weg!

Grote woningnood
Het punt is, dat er vele mensen in deze situatie verkeren, maar er wordt weinig tot niets aan gedaan. Wordt het niet eens tijd om het beleid te veranderen? Wellicht de beleidvoerders eens een tijdje dakloos laten zijn. Voelen ze wat het is!
Voor de volledigheid, haar achtergrond: Wie helpt Jolanda?

Ik vind dat Nederland schandalig met zijn eigen inwoners omgaat!

Woningnood! Regering: doe er eens wat aan!

De woningnood binnen de goedkopere ofwel sociale huurwoningen viert al jaren hoogtij. Je bent starter, moet door een lichamelijk ongemak gelijkvloers gaan wonen of je hebt een relatie achter de rug en moet de gezamenlijke woning verlaten, dan heb je een groot probleem.

Regeltjes
Ondanks dat de overheid zich al sinds de oorlog bezighoudt met veel nieuwbouw, schijnt het toch niet te lukken om het zodanig aan te pakken, dat het ook effect heeft. Het opstellen van regeltjes hoe de huurwoningen moeten worden verdeeld en hier allerlei commissies voor in te stellen, weet men het niet aan te pakken.
Op tv wordt er veel aandacht aan besteed, zoals afgelopen 6 mei nog bij Kassa. De gesprekspartners wijzen duidelijk naar elkaar die de regels bepalen.

Overheid
Het tekort aan sociale huurwoningen bedraagt op dit moment 160.000! Bij een dergelijk tekort zou je denken dat men er alles aan doet om die achterstand weg te werken. Maar nee, het aanbod van sociale huurwoningen liep in zes jaar (2009-2015) terug van 75% naar 58%.
Daarbij vond men schijnbaar de woningnood opgelost, zodat men het ministerie van Volkshuisvesting zijn zelfstandigheid (na ruim 65 jaar) ontnam en onder een ander ministerie schoof. De taken van het departement gingen per 14 oktober 2010 deels over naar het ministerie van Infrastructuur en Milieu. De verantwoordelijkheid voor taken op het gebied van volkshuisvesting, wijken en integratie ging over naar het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
Nou, daar schiet de burger veel mee op! Een beetje schuiven met departementen, heel veel commissies in het leven roepen, stapels papier produceren met hoe het zal moeten en dat is het.

Ministerie van VROM
Zelf heb ik 13 jaar op het ministerie van Volkshuisvesting en RO gewerkt, van 1968 tot 1981. In die tijd had het departement nog invloed op woningbouwverenigingen. Er werden richtlijnen opgesteld over het aantal woningen en hoe die moesten worden verdeeld in woningwet, premiehuur en vrije sector woningen en er werd streng op gecontroleerd. Ook de aanvangshuur en de huurverhoging de komende jaren werd door ons bepaald. Dit gebeurde op basis van een dynamische kostprijshuur.
Mijns inziens bouwen die woningcorporaties maar raak en dan het liefst in de vrije sector. Dit levert namelijk meer op. In Leiden wordt er nieuwbouw gepleegd. Huren van €1500 tot €2000 worden met een strak gezicht aangeboden! Schaamteloos!

Passend Toewijzen
Per 1 januari 2016 is de regel ‘Passend Toewijzen’ ingevoerd. Zij wijzen de woningen toe aan mensen met een laag inkomen, die in aanmerking komen voor huurtoeslag.
De corporaties schuiven alles naar die commissie, die de aanvragen theoretisch bekijkt en beoordeelt. Het is een soort loterij. Bij de gemeente of bij de corporatie behoef je niet aan te kloppen, want voor je het weet sta je weer buiten, zonder resultaat.

Te weinig betaalbaar aanbod
Voor woningzoekenden met een laag inkomen, worden er zeer weinig sociale woningen aangeboden. Mocht er een woning vrijkomen, dan kun je, met voldoende punten, hierop reageren. De kans dat je de woning dan toegewezen krijgt is nihil. Je moet je niet verbazen als er nog 300 kandidaten voor je zijn. De wachttijd op zo een woning is wel 5 tot 6 jaar!
Starters kunnen het vergeten om een goedkope huurwoning aangeboden te krijgen. Vaak is het inkomen te laag en hebben zij geen of onvoldoende woningpunten. Het kan jaren duren voordat zij zelfstandig kunnen gaan wonen.

Woningnood
Naast de starters zijn er nog drie groepen mensen met een zeer groot probleem op het gebied van huisvesting.

Groep 1
De mensen met een lichamelijke beperking. Velen hebben een aangepaste woning nodig, die hun huidige huis niet kan bieden, zoals een beganegrond woning of een woning waar een lift aanwezig is, alles gelijkvloers, rolstoel begaanbaar, etc. Vaak zijn ze aangewezen op een WIA-uitkering, dus hun keuze is zeer beperkt. Het resultaat is, dat ze nog wel enige tijd in hun huidige huis moeten verblijven, ondanks alle (ondoenlijke) ongemakken.

Groep 2
Eén op de drie huwelijken/relaties worden verbroken. Hierdoor zal één van de twee de woning moeten verlaten. Vaak is dit de vrouw. Heeft men pech, dan heeft de vrouw weinig carrière opgebouwd. Woningpunten zijn er ook vaak niet. Waar moeten deze mensen naar toe? En dat zijn er zeer veel! Vaak krijgen zij onderdak bij familie of vrienden of zijn aangewezen op een noodwoning of vakantiehuisje, waar vaak de huur gigantisch hoog is!

Groep 3
Voor studenten is het zeer moeilijk om een kamer te bemachtigen. De ‘huisjesmelkers’ maken woekerwinsten met de huurprijs van kamers. Deze week kwam er nog het bericht, dat buitenlandse studenten zelf in asielzoekerscentra slapen of in de auto. Een makelaar gaf mij aan dat hij soms de vraagprijs van een kamer niet over zijn lippen kon krijgen: €850 euro voor 15 m2 en het toilet en de douche delen met 16 man!

Corporaties aan zet
De corporaties moeten door de overheid worden gewezen op hun verantwoordelijkheid. Zij moeten worden gedwongen en gestimuleerd om zich voornamelijk te richten op goedkope huurwoningen. En dit geldt niet alleen voor woningen onder de huurtoeslaggrens van € 592,55, maar ook woningen die net boven die grens liggen. Om dit tekort van 160.000 woningen weg te werken, bij een bouw van circa 30.000 per jaar, is men nog wel even bezig.

Eigen woning
Er moet meer ruimte geboden worden om een woning te kunnen aanschaffen. Er wordt nu naar het inkomen gekeken en gelijk afgewezen. Het onderpand is niet van belang, ook de huidige lage rente niet. Gaat men uit van een woning van € 125.000 op basis van een annuïteit en een rente van 2%, dan betaalt men per maand, inclusief de WOZ-waarde, rond de €400,-. Met ondersteuning van de overheid (garantie) en subsidie, die nu aan huursubsidie zou worden uitgegeven, zijn deze mensen veel goedkoper uit! En er is onderpand. Alleen nog een instantie die zich gaat richten op hypotheekverstrekking.

Tot slot
Al enige tijd zet ik mij hard in voor een dame, die door haar ex op straat werd gezet. Zij heeft geen woningpunten kunnen opbouwen en had, door lichamelijke aandoeningen, op dat moment geen baan. Het enige waar zij terecht kon was een vakantiewoning, die van alles mankeerde en zeer duur was in huur. Bovendien lag deze woning op 50km afstand van het ziekenhuis, waar ze enkele malen per week op aangewezen was.
Vele instanties heb ik gebeld. Toen ik de grootste woningbouwvereniging aan de lijn had en het verhaal uitlegde, dat deze dame het aan de nieren, het hart, de longen en de vaten had, kreeg ik als antwoord: “Iedereen heeft wel eens wat. De wachttijd is zes jaar voor haar!” Op mijn vraag of zij dan maar buiten op een bank moest gaan slapen, zei hij: “Die keuze is aan haar!”

Het ‘dynamische’ van deze tijd…..

Circa veertig jaar geleden was ik werkzaam op de afdeling Sociaaleconomisch Onderzoek van het toengeheten ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM). Hans Gruijters was minister en Marcel van Dam en Jan Schaefer waren staatssecretaris.

Dynamische kostprijsformule
De financiering van de woningbouw gebeurde toen op basis van de zogenaamde dynamischekostprijs huurformule (DKH). Deze formule was gebaseerd op een annuïteitformule, waarin de kosten en de opbrengsten waren opgenomen. De kosten bestonden uit een gedeelte variabele kosten, die jaarlijks stegen en vaste kosten. De opbrengsten waren de huren met de jaarlijkse verhoging.

Parameters
Na al die jaren staat die formule mij nog vers in het geheugen. Ik weet zelfs nog wat de uitkomst was bij de verschillende parameters.
De looptijd van de lening was 50 jaar. De berekening was dusdanig uitgedacht, dat na 50 jaar, het saldo op nul uitkwam of een laag positief saldo. – Overigens heb ik mij altijd afgevraagd, of de woningen, die toen gebouwd werden, wel de leeftijd van vijftig jaar zouden bereiken… –
Verder werd er in die tijd uitgegaan van de volgende parameters: rente: 8%, start variable lasten 1,2%, lastenstijging 12%, vaste lasten 0,5% en huurverhoging 8%. De verschillende parameters werden ‘contant’ gemaakt naar het eerste jaar en daarna gesommeerd over de looptijd. Tot slot de kosten delen door de opbrengsten en de uitkomst van de DKH kwam eruit, in dit geval: 6,41735% als beginhuur.
In formule:
DKH

Elektronische rekenmachine
In eerste instantie gebeurde de berekening op een elektronische rekenmachine (toen zeer vooruitstrevend: digitale letters en geluidloos!).
Toch was je ruim twee uur bezig om de berekening te maken en vervolgens de zaak uit te typen. Na overleg over de uitkomst met het hoofd van de afdeling, vroeg hij of je deze berekening nogmaals wilde maken, maar dan één van de parameters een half procent hoger. En zo vulde je de dagen. De uitkomsten werden gebruikt ondermeer voor de beantwoording van Tweede Kamervragen.

Time sharing
In die tijd (1975) was een computer nog een futuristisch apparaat. De meeste mensen wisten niet eens waarover je het had. Ik ben toen mijn eerste automatiseringscursussen gaan volgen: Basic programmeren, gevolgd door Fortran IV en SPSS. Hierdoor verzamelde ik voldoende kennis om de berekeningen van de DKH te automatiseren.
Dit laatste had ook niet zo veel om het lijf, want het gebeurde via time sharing. Het computercentrum was gevestigd in Cleveland (VS) en de verbinding kwam tot stand via de satelliet Early Bird. Er was weinig beveiliging binnen het systeem. Bij een deling door nul bijvoorbeeld bleef het systeem doorrekenen, totdat iemand hierachter kwam. De rekening voor het premature digitale gecijfer was gigantisch.

Automatisering 1975
Om niet steeds opnieuw vragen te krijgen over berekeningen met verschillende parameters, had ik een programma geschreven, dat alle mogelijke percentages in parameters, oplopend van 1 tot 12% en voor alle soorten woningen (eenheden, woningwet, etc) berekende en printte. De tabellen zijn vervolgens ingebonden en aan alle betrokkenen binnen het ministerie en de Tweede Kamer gestuurd. Hier kon men jaren mee vooruit, Dat bleek wel, want vragen hierover werden nooit meer gesteld.
Voor zeer grote berekeningen uit onderzoeken in die tijd werd overigens gebruikgemaakt van het IBM automatiseringscentrum in Rijswijk. In de hal stond een enorme verwerkingseenheid. Ik sta er wel eens bij stil, dat deze een capaciteit had van ongeveer 1 honderdste van de huidige smartphones. En deze kunnen, naast telefoneren, nog zoveel meer (fotograferen, filmen, muziek, navigatie, etc. etc).

Doorgeslagen
Nog niet zo lang geleden, dacht ik nog eens aan die berekeningen. De formule kende ik nog uit het hoofd en programmeerde deze in mijn smartphone. Op het moment dat ik op de ‘GO’ toets drukte, stond het antwoord er al. Printen kon ook, kwestie van een minuut.
Wat is de ontwikkeling toch ontzettend snel gegaan de laatste jaren. Het is alleen jammer, dat velen het digitale gecijfer nu als hoofddoel zien binnen een organisatie, zoals in de ziekenhuizen. Die verzamelen virtuele zorggegevens die enkel en alleen voor de DOT-nota dienen of voor opgepoetste kwaliteitscijfers. Digitale cijfers waar de ziekenhuizen goede sier mee maken.
De gegevens over de zorg zelf, de documentatie in het medisch dossier en de zinvolle registratie ervan voor informatie en communicatie over de werkelijke zorg, zijn van ondergeschikt belang. Het levert geen euro extra op. Die gegevens zijn hoognodig voor de benchmarking met als doel de inhoudelijke verbetering van zorg waar de patiënt bij wint.